Deze informatie wordt u aangeboden door het V.P.I. vzw.U koos deze pagina: www.verkeervpi.be/vpi/veilig_op_weg/helpers/jeugdverkeersbrigadiers.php
Startpagina > site Verkeervpi > Veilig op weg > Helpers > Jeugdverkeersbrigadiers
De jeugdverkeersbrigadiers zijn ontstaan rond 1920, in de VSA en ze zijn in ons land werkzaam sinds 1954. Ze mogen niet tezamen met een gemachtigd opzichter worden ingezet.
Art. 40 bis: "Het is de weggebruikers verboden te breken door een groep kinderen of scholieren, ofwel in rijen, vergezeld van een leider, ofwel die de rijbaan oversteekt onder de controle van een jeugdverkeersbrigade, een leider of een gemachtigd opzichter.
Wettelijk is er dus weinig geregeld: je mag een groep kinderen (= minstens 2! ) niet doorbreken, als die begeleid wordt door een of meer jeugdverkeersbrigadiers.
Een jeugdverkeersbrigadier mag geen enkele weggebruiker doen stoppen noch teken doen om verder te rijden.
Hij/zij mag niet eerst op de rijbaan gaan staan en pas dan de wachtende kinderen toelating geven om over te steken.
Hij/zij wacht dus op het trottoir of berm en gaat mee met de kop van de overstekende groep, blijft op de rijbaan wachten en gaat dan met de laatste van de groep mee naar de overkant, of keert terug.
Voordelen: een groep kinderen die oversteekt onder leiding van een jeugdverkeersbrigade, doet dat opvallend, geconcentreerd in ruimte en in tijd.
De ouders (of voogden) van minderjarige kandidaten dienen schriftelijk toestemming te geven. Dan is het de schooldirectie die ze aanstelt.
Het gaat meestal om leerlingen van het zesde leerjaar.
Jeugdverkeersbrigadiers mogen overal groepen kinderen begeleiden bij het oversteken van de weg. Het is wenselijk dat ze zoveel mogelijk brigadieren op plaatsen waarmee ze vertrouwd zijn.
Een jeugdverkeersbrigadier mag geen verkeer regelen en màg bijgevolg geen dienst doen temidden een kruispunt, het mag wel bezijden het kruispunt, bijv. naast het zebrapad. Bij verkeerslichten mag de groep enkel oversteken bij groen.
De jeugdverkeersbrigadier moet daarenboven duidelijk, oordeelkundig en kordaat optreden.
Wanneer een bestuurder door de overstekende groep rijdt, màg de jeugdverkeersbrigadier bij de politie klacht indienen en/of van de overtreding aangifte doen. Hij doet er goed aan zoveel mogelijk gegevens te noteren die de identificatie van de overtreder mogelijk maken (nummerplaat, merk, kleur van auto, bijzonderheden over de bestuurder...). Een of meer getuigen zijn aan te bevelen. De politie zal wel zorgen voor een passend gevolg.
De jeugdverkeersbrigadiers worden best door de school verzekerd tegen burgerlijke aansprakelijkheid en tegen persoonsschade, voortkomend uit ongevallen die zouden gebeuren bij het uitoefenen van de taak of op weg naar of van de plaats van optreden. Als het nog niet is voorzien in de verzekeringspolis van de school, kan het er (gratis) aan worden toegevoegd.
Als minimale uitrusting van de jeugdverkeersbrigadier bevelen we aan: een bordje op steel dat reflecterend is en aan weerszijden het teken C3 afbeeldt.
Naast de nood aan herkenbaarheid moet een jeugdverkeersbrigadier ook goed zichtbaar zijn. Daarom draagt hij best een fluo jas of overgooier, voorzien van lichtweerkaatsers.
Wettelijk is er geen opleiding voorzien, maar het is niet verantwoord kinderen of jongeren zonder enige opleiding te laten brigadieren.
In een (korte) opleiding wordt vooral uitgelegd wat ze wel en niet mogen doen. Het is aan te bevelen dat hun inzicht wordt verbeterd inzake de plaats en het oversteken van de voetganger, plaats en gedrag van de fietser, verkeerstekens, zien en gezien worden, gedrag van bestuurders tegenover voetgangers, rem- en stopafstanden.
Tijdens de praktische opleiding worden de jeugdverkeersbrigadiers vertrouwd gemaakt met de schoolomgeving, de manier van optreden, en eventueel inzicht bijgebracht inzake remafstanden. De opleiding is eenmalig.
Het is aan te bevelen dat het gemeentebestuur zorgt voor regelmatig politietoezicht en een attentie (als blijk van waardering) op het einde van het schooljaar.
Meestal wordt er gewerkt met 2 jeugdverkeersbrigadiers.
Een jeugdverkeersbrigadier stelt zich op aan de linkerzijde van de oversteekplaats, op het trottoir, en verzamelt de kinderen tot een groep. Zodra het mogelijk wordt om over te steken, geeft een jeugdverkeersbrigadier een vooraf afgesproken 'signaal'. Beiden gaan mee met de kop van de groep met het bord verticaal omhoog. De linkse blijft staan in het eerste rijvak (kijkend in de richting van het naderende rijverkeer), de rechtse in het tweede rijvak.
Ze zorgen ervoor dat die kinderen tussen hen in stappen. Fietsende kinderen mogen mee oversteken.
De jeugdverkeersbrigadiers gaan mee met de laatste van de groep naar de overkant en keren eventueel naar hun oorspronkelijke plaats terug.
Aan een zebrapad (zonder verkeerslichten) moeten de voetgangers die er oversteken of op het punt staan om over te steken, voorrang krijgen van de naderende bestuurders. Jeugdverkeersbrigadiers wachten best met oversteken, tot de naderende bestuurders zijn gestopt. Ze vergeten niet om ook de andere kant op te kijken!