Senioren
Het verkeer vormt een probleem
- Jaarlijks sterven er in de EU 50.000 mensen en lopen er 1,5 miljoen lichamelijk letsel op in het verkeer. Sinds de 2de Wereldoorlog is dat meer dan 2 miljoen doden en 40 miljoen gewonden.
- Voor België is dat gemiddeld 75.000 doden en gewonden per jaar.
- De auto is de grootste doder in onze samenleving. Toch wordt de dood op de weg bijna als een natuurlijke dood beschouwd.
- Er zijn dringend maatregelen nodig om een halt toe te roepen aan deze slachting. De tijd dringt: de verkeersonveiligheid stijgt én de bevolking vergrijst.
- De overheid streeft ernaar om oudere mensen zo lang mogelijk in hun eigen omgeving te laten blijven. Deelname aan het verkeer is daarvan een wezenlijk onderdeel.
- Deze situatie verlangt van de verkeersdeelnemers een grotere acceptatie van de ouderen in het verkeer én vraagt van iedereen meer defensief gedrag: dit zal het grootste effect opleveren op korte termijn.
Verkeersongevallen met ouderen
Volgens recente cijfers zijn het vooral de ouderen, die zich te voet en met de fiets verplaatsen, die het slachtoffer worden van een verkeersongeval. Logisch: we verplaatsen ons het langst op die manier.
Binnen de bebouwde kom vinden we 86% van alle gedode en zwaargewonde voetgangers, 74% van alle gedode en zwaargewonde fietsers, meestal door een aanrijding met een auto.
- Oudere voetgangers worden vaker (dan de gem. verkeersdeelnemer) aangereden tijdens het oversteken, niettegenstaande ze vaker gebruik maken van een zebrapad.
- Oudere fietsers worden vaker (dan de gem. verkeersdeelnemer) aangereden als ze links afslaan (dit kun je vermijden!).
- Oudere chauffeurs worden vaker (dan de gem. verkeersdeelnemer) aangereden aan kruispunten, bij het links afslaan, bij het veranderen van rijstrook. Dit zijn 3 (deels vermijdbare) risicosituaties.
De oorzaak ligt niet zozeer in het afnemend gezichts- en gehoorvermogen, maar wel in het beoordelen van het gat in de verkeersstroom (vgl. kinderen).
Inzake tijdstippen is er veel gelijkenis met kinderen en jongeren: vooral ongevallen op vrijdag (maar minst in het weekend), vooral in oktober (minst in januari-februari), vooral tussen 15 en 18 uur, vooral op gewone wegen binnen de bebouwde kom, vooral in een bekende omgeving.
Ouderen in het verkeer
De ogen verwerven 80 à 90% van de informatie die we vandoen hebben in het verkeer. Het gezichtsvermogen vermindert aanzienlijk vanaf ong. 40 jaar, vooral in het donker. De ogen passen zich ook moeilijker aan na verblinding. Het zijdelings zicht (nodig bij inhalen en uitwijken) vermindert.
Bij het ouder worden verlengt de reactietijd, alsook de tijd die je nodig hebt om een beslissing te nemen. Er wordt veel trager gereageerd in een complexe situatie, doordat je meer tijd nodig hebt om de situatie in te schatten.
Bij het ouder worden vermindert het gehoor.
Samengevat: er is een drievoudig probleem: je ziet en je hoort minder (= minder info) en je reageert trager. Maar je kunt hieraan gedeeltelijk verhelpen.
Wat kunnen we eraan doen?
Willen we het wegverkeer werkelijk veiliger maken voor ouderen, dus meteen ook voor iedereen, dan moeten we op 3 factoren tegelijk inwerken: de mens, z'n voertuig en de weg, zodat we zo lang mogelijk op een actieve wijze aan het verkeer kunnen blijven deelnemen.
- Voertuig: Bij fietsencontroles blijken de meeste fietsen niet in orde, regelmatig nazicht is dus belangrijk. Je kunt ook een opa/omafiets gebruiken.
- Verkeerseducatie: We kunnen het verkeersgedrag beïnvloeden met behulp van voorlichting (van bijv. ouders, ouderen, ...) , -opvoeding (thuis, op school, ...), -onderwijs (verplicht), waarbij de nadruk niet ligt op het bijbrengen van verkeerskennis maar op een verantwoord verkeersgedrag.
- Infrastructuur: We kunnen straten, wegen en kruispunten zo inrichten, dat de kans op ongewenst gedrag, en dus op een ongeval, kleiner wordt.
Wat kunnen ouderen doen?
Je kunt zoeken naar een compensatie voor de vermindering in waarnemings- en reactievermogen.
Enkele algemene en voorafgaande tips:
- Denk vooraf na welke route je zult volgen. Kies niet zomaar de kortste. Maak zoveel mogelijk gebruik van de aangeboden voorzieningen. Vermijd het links afslaan met voorsorteren.
- Vermijd moeilijke tijdstippen (bijv. spitsuur) en moeilijke plaatsen (vooral complexe kruispunten.
- Gedraag je defensief (je kunt veel fouten van anderen voorzien en vermijden) en assertief (laat je respecteren). Probeer samen met anderen over te steken of te fietsen.
- Zie dat je wordt gezien, anders ben je gezien!
- Neem voldoende tijd voor je verplaatsingen. Je kunt ook boodschappen doen op een rustiger moment.
- Rij alcoholvrij, wees voorzichtig met de combinatie alcohol-geneesmiddelen. Let wel: een glas bier, een glas wijn, een glas cognac bevatten ong. evenveel alcohol!